Waarom "Hoe was je dag?" niet altijd het beste werkt
Vragen die ruimte geven voor echt contact
Als ouder wil je natuurlijk graag weten hoe je kind zijn of haar dag heeft ervaren. Vaak begint dat met de vraag:
“Hoe was je dag?”
En vervolgens krijg je:
“Goed.”
“Prima.”
Of helemaal geen antwoord.
Dat betekent niet dat je kind niets te vertellen heeft. Soms is de vraag simpelweg te groot, of komt hij op een moment waarop je kind nog helemaal niet bezig is met terugkijken op de dag.
Na een lange schooldag kan een kind moe zijn, honger hebben, veel prikkels hebben verwerkt of gewoon even behoefte hebben aan rust. Misschien is het op dat moment al genoeg om jou weer te zien.
Kinderen leven bovendien veel meer in het moment dan wij als volwassenen vaak doen. Ze zijn minder bezig met terugkijken, vooruitdenken en alles wat er nog moet gebeuren. Ze kunnen helemaal opgaan in wat er nu is: spelen, bewegen, ontdekken, samen zijn.
Misschien is dat ook iets wat wij als ouders van kinderen kunnen leren.
In plaats van steeds terug te kijken naar wat er is gebeurd, vooruit te denken naar wat nog moet komen, kunnen we soms gewoon even aanwezig zijn bij wat er nu is.
Daarom gaat het niet zozeer om het stellen van de perfecte vraag. Het gaat vooral om afstemmen: op je kind, op het moment en op wat er op dat moment nodig is.
Waarom “Hoe was je dag?” soms niet werkt
“Hoe was je dag?” is een heel brede vraag. Je vraagt je kind eigenlijk om een hele dag in één antwoord samen te vatten. Dat is voor volwassenen soms al lastig. Voor kinderen kan dat nog moeilijker zijn. Ze zijn misschien nog niet zo bezig met het ordenen en analyseren van hun dag zoals wij dat als volwassenen doen.
En soms weet een kind het gewoon niet.
Een dag kan fijn en lastig zijn geweest. Er kunnen kleine dingen zijn gebeurd die voor je kind belangrijk waren, maar waar jij niet naar vraagt. Of je kind heeft op school iets meegemaakt wat nog even moet bezinken.
Een kort antwoord betekent dus niet automatisch dat je kind niets wil delen.
Misschien is het gewoon nog niet het juiste moment.
Stel eens een andere vraag
In plaats van meteen te vragen hoe de hele dag was, kun je je vraag wat kleiner maken.
Bijvoorbeeld:
Wat was vandaag leuk?
Was er iets wat je lastig vond?
Waar moest je vandaag om lachen?
Met wie heb je gespeeld?
Was er iets wat anders ging dan je had verwacht?
Wat vond je vandaag interessant?
Was er iets waar je nog aan denkt?
Wat zou je mij graag willen vertellen over vandaag?
Maar ook een vraag als:
“Wat was het eerste waar je aan dacht toen je vanmorgen op school kwam?”
kan soms een heel ander gesprek openen.
Het gaat daarbij niet om het afwerken van een lijstje vragen. Kijk vooral naar wat past bij jouw kind op dat moment.
Het ene kind vertelt makkelijk over wat er is gebeurd. Het andere kind komt pas later op de dag met een verhaal. En weer een ander begint te praten tijdens het tekenen, wandelen of in de auto.
Het moment maakt verschil
Misschien herken je het wel: je haalt je kind uit school en vraagt meteen:
“Hoe was je dag?”
“Goed.”
“Wat heb je gedaan?”
“Niks.”
“Heb je nog met iemand gespeeld?”
“Ja.”
En het gesprek stopt.
Dat kan frustrerend zijn als je graag wilt weten wat er in je kind omgaat. Maar misschien heeft je kind op dat moment eerst iets anders nodig.
Even eten. Buiten spelen. Bewegen. Knuffelen. Stilte. Of gewoon thuiskomen.
Je hoeft niet altijd meteen te weten wat er in je kind omgaat. Soms ontstaat het gesprek vanzelf wanneer je de ruimte ervoor laat.
Luisteren zonder meteen op te lossen
Wanneer je kind uiteindelijk iets vertelt, kan het verleidelijk zijn om meteen te reageren.
“Dat valt toch wel mee?”
“Je moet gewoon zeggen dat je dat niet leuk vindt.”
“Volgende keer doe je het gewoon zo.”
Maar soms heeft je kind helemaal geen oplossing nodig. Soms wil het gewoon vertellen.
Je kunt dan bijvoorbeeld zeggen:
“Dat klinkt lastig.”
Of:
“Ik snap dat je daarvan baalde.”
Of gewoon:
“Vertel eens verder.”
Zo geef je ruimte aan het verhaal van je kind, zonder het meteen over te nemen. En juist daarin kan verbinding ontstaan.
Stel niet alleen vragen, deel ook zelf
Een gesprek hoeft trouwens niet alleen over je kind te gaan. Vertel zelf ook eens iets over jouw dag.
“Vandaag gebeurde er iets waardoor ik moest lachen.”
Of:
“Vandaag vond ik iets best lastig.”
Je laat daarmee zien dat het normaal is om te praten over wat je meemaakt, zonder dat je kind het gevoel krijgt dat het ondervraagd wordt.
Je kunt er zelfs een klein moment van maken tijdens het eten of voor het slapengaan:
Wat was vandaag fijn?
Wat was lastig?
Wat viel je op?
En als je kind niets wil vertellen, is dat ook oké.
Misschien komt het morgen.
Kijk naar je kind, niet naar het ideale gesprek
We willen als ouders soms graag weten wat er in het hoofd en hart van ons kind gebeurt. Maar verbinding ontstaat niet doordat je altijd de juiste vraag stelt. Het ontstaat ook door aanwezig te zijn.
Door te merken wanneer je kind behoefte heeft aan contact en wanneer juist niet. Door nieuwsgierig te blijven zonder te pushen. Door te luisteren zonder meteen te willen veranderen of oplossen.
En misschien vertelt je kind juist tijdens het tandenpoetsen ineens wat er die dag is gebeurd.
Of onderweg naar bed.
Of tijdens een wandeling.
Of helemaal niet.
Ook dat mag er zijn.
Niet ieder moment hoeft een diep gesprek te worden. Soms zit verbinding juist in samen zijn, zonder dat er veel gezegd wordt.
Misschien kunnen wij als volwassenen daar zelfs iets van leren: niet altijd terugkijken, vooruitdenken of bezig zijn met wat er straks moet gebeuren, maar af en toe gewoon helemaal aanwezig zijn bij wat er nu is.
Dus…
De vraag “Hoe was je dag?” hoef je helemaal niet te schrappen.
Je kunt hem alleen wat meer zien als een uitnodiging dan als een vraag waarop je een uitgebreid antwoord moet krijgen.
Kijk naar je kind.
Is het moe? Geef het eerst ruimte.
Is het ontspannen? Misschien ontstaat er vanzelf een gesprek.
Wil het vertellen? Luister.
En als je kind alleen “goed” zegt?
Dan is dat misschien voor vandaag genoeg. Want uiteindelijk gaat het niet om hoeveel je kind vertelt. Het gaat erom dat je kind weet:
Als ik iets wil delen, ben jij er.
En dat is misschien wel één van de belangrijkste vormen van verbinding die je je kind kunt geven.
Wil je beter begrijpen wat jouw kind nodig heeft in de communicatie en hoe karakter, ontwikkeling, gedrag en jullie onderlinge dynamiek daarin kunnen meespelen? In mijn coaching kijken we samen voorbij het gedrag naar wat er werkelijk speelt.
Je kunt altijd vrijblijvend contact opnemen voor een kennismakingsgesprek.
Liefdevolle groet,
Marijn